Een lijst van definities en termen die gebruikt worden in de
wereld van het beleggen in vastgoed.
- A
Aansprakelijkheid: de aansprakelijkheid van
certificaathouders in SynVest N.V. is beperkt tot maximaal het door
hen ingelegde bedrag. De certificaathouders kunnen in beginsel
nooit verplicht worden een negatief saldo van de Naamloze
Vennootschap aan te vullen. Ook de hypotheekhouder (bank) kan de
certificaathouders niet aanspreken.
Aanmerkelijk belang: indien een participant meer
dan 33% van het totaal aantal certificaten en/of aandelen bezit,
geldt dit voor de overdrachtsbelasting als een aanmerkelijk belang
zodat bij overdracht 6% overdrachtbelasting verschuldigd zou
zijn.
Administratievoorwaarden: de voorwaarden waaronder
de Stichting Administratiekantoor SynVest beleggingsfondsen de
aandelen in het vastgoedfonds administreert en waaruit de rechten
en verplichtingen van de certificaathouders voortvloeien.
Accountantsverklaring: (in de prospectus) een
verklaring van de accountant dat het prospectus de gegevens bevat
die op grond van de Wet op het financieel toezicht (Wft) vereist
zijn. Deze accountantsverklaring bevat dus geen uitspraken over de
gehanteerde veronderstellingen die ten grondslag liggen aan de
prognoses van het aangeboden product.
Aflossing: in de hypotheekakten is met de
hypotheeknemer (de Bank) afgesproken dat er geen aflossing op de
leningen plaatsvindt. Dit is gezien het feit dat SynVest maximaal
60% met vreemd vermogen financiert ook niet nodig. Bij een
dergelijke verhouding tussen vreemd (60%) en eigen vermogen (40%)
zijn de risico´s zodanig dat verder aflossingen niet noodzakelijk
geacht wordt. Extra aflossen is boetevrij toegestaan.
Afschrijvingen: omdat SynVest de FBI status heeft
en dus 0% vennootschapsbelasting betaald heeft fiscaal afschrijven
geen zin. De beleggingspanden staan voor de getaxeerde waarde op de
balans.
Autoriteit Financiële Markten (AFM):
toezichthouder op onder andere de Wet op het financieel toezicht
(Wft). Voor meer informatie zie www.afm.nl.
- B
Beheerder: SynVest Fund Management B.V., een
besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid gevestigd aan
de Plesmanstraat 62, 3905 KZ Veenendaal. SynVest Fund Management
heeft een doorlopende vergunning van de AFM. De directie bestaat
uit Mr. E.J. Pot, F.J. Panhuyzen en drs M. van Gooswilligen.
Beheerovereenkomst: de overeenkomst tussen het
beleggingsfonds en de beheerder waarin wordt overeengekomen dat
SynVest Fund Management B.V. optreedt als beheerder en de
voorwaarden voor het beheer en het management zijn vastgelegd. Zie
verder in de prospectus.
Belastingdruk: voor participanten-natuurlijke
personen wordt een deelneming in SynVest in principe belast in Box
III. In deze Box wordt een forfaitair rendement gehanteerd van 4%
over de waarde in het economisch verkeer van het vastgoed, waarover
30% belasting betaald dient te worden. Dit resulteert in een
feitelijke belastingdruk van 1,2% van de waarde van de deelneming.
Participanten niet-natuurlijke personen (niet hebbende de status
van fiscale beleggingsinstelling) worden belast met
Vennootschapsbelasting. Alle participanten ontvangen jaarlijks een
invulinstructie ten behoeve van hun aangifte IB of VPB.
Bestuur van Stichting Administratiekantoor SynVest
Beleggingsfondsen: zie onder Vermeend en Wanders.
Boekwaarde: waarde van het onroerend goed zoals
is opgenomen in de laatste balans in de jaarcijfers. De boekwaarde
is bij SynVest gelijk aan de aankooppprijs verhoogd met de directe
aankoopkosten. Periodiek wordt de boekwaarde aangepast aan de
taxatiewaarde.
Break-even berekening: een berekening van het
verkoopscenario met een minimale waarde van het onroerend goed
waarbij de participant ook zijn volledige investering gerestitueerd
krijgt.
Bruto Aanvangsrendement (BAR): de gangbare manier
om de waarde van onroerend goed bij aankoop uit te drukken. Het BAR
wordt berekend door de huursom op het moment van verwerving te
delen door alle wervingskosten van het onroerend goed, zoals de
koopsom, overdrachtsbelasting en notariskosten.
Bruto huuropbrengsten: werkelijk ontvangen huren
exclusief de servicekosten.
Bruto verhuurbare oppervlakte (BVO): het aantal
voor verhuur beschikbare vierkante meters van een beleggingspand,
exclusief de gemeenschappelijke ruimten.
- C
Cashflow rendement: Het jaarlijkse
geprognosticeerde rendement dat aan de certificaathouders zal
worden uitgekeerd. Het Cashflow rendement is het
exploitatierendement minus de eventuele toevoegingen aan de
liquiditeitsreserve. Bij de berekeningen van dit rendement wordt
geen rekening gehouden met belastingen.
Certificaat: bewijs van deelname in het
beleggingsfonds. Het door het Administratiekantoor toegekende
certificaat van een aandeel dat correspondeert met en recht geeft
op de inkomsten uit het onderliggende aandeel in het kapitaal van
het vastgoedfonds.
Certificaathouder: diegene die het certificaat in
eigendom heeft (naam staat op het bewijs). Overdracht kan door
inkoop door het beleggingsfonds. Voor de overdracht is geen
notariële akte vereist.
Commanditaire Vennootschap (CV): in een
vastgoed-CV wordt voor gezamenlijke rekening en risico belegd in
vastgoed met als doel exploitatiewinst te realiseren, die aan de
vennoten periodiek wordt uitgekeerd. De CV wordt meestal aangegaan
voor een vaste periode. Na deze termijn kan gezamenlijk worden
besloten het vastgoed te verkopen. De hierbij gerealiseerde winst
is belastingvrij voor de vennoten, tenzij de vennoten deelnemen als
rechtspersoon (bijvoorbeeld met een besloten vennootschap). In een
CV zijn twee soorten vennoten te onderscheiden, de Beherend Vennoot
en de Commanditaire Vennoten.
Compliance: is het begrip waarmee wordt aangeduid
dat een organisatie werkt in overeenstemming met vigerende wet- en
regelgeving.
- D
Directie: zie onder Panhuyzen, Pot en
Gooswilligen.
Direct rendement: zie
Exploitatierendement.
Dividend: deel van de winst dat aan de
aandeelhouders van een onderneming periodiek wordt uitgekeerd. Als
vergoeding voor het door de aandeelhouders aan de onderneming
beschikbaar gestelde kapitaal.
Dividendbelasting: belasting geheven over de
opbrengst (dividend) van aandelen. Deze bedraagt per 1 januari 2007
15%. Deze belasting is een voorheffing op de Inkomstenbelasting en
Vennootschapsbelasting en kan daarmede bij de aangifte IB en VPB
verrekend worden.
Due diligence onderzoek: voordat een bedrijf als
huurder gecontracteerd wordt, wordt onderzocht of de jaarcijfers en
de administratie een getrouw beeld geven van de staat van de
onderneming. Dit onderzoek wordt due diligence genoemd. Ook kan dit
bij aankoop van een beleggingspand betrekking hebben op het
onderzoek naar een pand.
- E
Eigen vermogen: het bedrag dat de
aandeelhouders gezamenlijk hebben ingebracht in het
beleggingsfonds.
Enkelvoudig rendement: het rekenkundige gemiddelde
van de jaarlijkse uitkeringen en de slotuitkering. Hierbij wordt
geen rekening gehouden met het tijdstip van de uitkeringen.
Emissiekosten: kosten voor de plaatsing van
participaties van een CV, meestal 3% van de inleg. Deze kosten
worden niet in de rendementsberekeningen meegenomen. SynVest kent
geen emissiekosten.
Expiratiedatum van het huurcontract: de datum
waarop het huurcontract afloopt. In het huurcontract is vaak een
opzegtermijn (meestal 12 maanden) opgenomen die huurders in acht
moeten nemen als zij besluiten het huurcontract niet te verlengen.
Deze termijn kan de verhuurder benutten om potentiële nieuwe
huurders te benaderen.
Exploitatierendement: ook wel genoemd Direct
rendement of Cash rendement. Dit is het rendement op
basis van de jaarlijkse huurinkomsten minus de exploitatiekosten
van het onroerend goed. De belangrijkste kostenposten zijn
hypotheekrente, onderhoudskosten, onroerende zaak belasting,
heffingen, verzekeringspremies, beheerkosten en overige kosten.
- F
FBI: Fiscale beleggings Instelling. Een NV of
BV die als doel heeft het beleggen van vermogen en op grond van de
wet is vrijgesteld van Vennootschapbelasting. De wet stelt voor de
FBI status een aantal eisen. De drie belangrijkste zijn 1) maximaal
60% vreemd vermogen 2) alle dividend moet binnen 8 maanden na
boekjaar worden uitgekeerd 3) maximaal 25% van de aandelen mogen in
handen zijn van één belegger.
Financieel jaarverslag: jaarlijks legt de
Beheerder financiële verantwoording af aan de Stichting
Administratiekantoor SynVest beleggingsfondsen en de
certificaathouders. Het financieel verslag bestaat uit onder andere
de balans met toelichting, de winst- en verliesrekening met
toelichting, de waarderingsgrondslagen en kan uitgebreid worden met
een begroting voor het komend boekjaar en een
huurdersoverzicht.
Financiële Bijsluiter: hierin is de krachtens de
Wet voorgeschreven productinformatie opgenomen. Dit betreft een
aantal hoofdlijnen om het beleggingsproduct te kunnen vergelijken
met andere beleggingsproducten. De Financiële Bijsluiter geeft de
belegger geen informatie die op zijn/haar persoonlijke situatie is
toegesneden en geeft geen uitputtende beschrijving van de voor de
belegger geldende rechten en plichten.
Fiscale waarde van een participatie: de fiscale
waarde van een participatie wordt vermeld in de jaarlijkse
invulinstructie ten behoeve van de belastingaangifte. Deze wordt
bepaald op basis van de geschatte waarde in het economisch verkeer
van de investeringen in onroerend goed, vermeerderd met de
vorderingen en liquide middelen, verminderd met de schulden.
Belastingschulden en -vorderingen maken geen onderdeel uit van de
Box III grondslag. De fiscale waarde van een participatie kan
afwijken van de aankoopsom van deze participatie.
Fixering van de rente: de beheerder van SynVest
RealEsate Fund NV sluit hypothecaire geldleningen af, waarbij
gekozen wordt voor een vaste of variabele rente. Bij vaste of
gefixeerde rente wordt afgesproken met de bank hoe lang de looptijd
is en hoe afgelost gaat worden. De vaste rente is meestal hoger dan
variabele rente, maar geeft meer zekerheid.
Frictieleegstand: tijdelijke leegstand van
onroerend goed als gevolg van bijvoorbeeld verbouwing of renovatie.
In een evenwichtige markt is 3 tot 5% noodzakelijk in verband met
de verhuismogelijkheden van huurders.
Fonds: ook wel genoemd Beleggingsfonds:
SynVest RealEstate Fund N.V.
SynVest German RealEstate Fund
N.V.
- G
Gooswilligen, Drs. M.: (1966) is vanaf 2007
betrokken bij de directie van SynVest. Hij houdt zich voornamelijk
bezig met de commerciële aspecten van de
beleggingsfondsen. Voor CV zie de prospectus.
- H
Handelskoers: de koers van een certificaat. Die
door de directie maandelijks wordt vastgesteld aan de hand van een
aantal factoren, waaronder de intrinsieke waarde en de
marktomstandigheden. De Handelskoers dient als uitgangspunt voor de
vaststelling van de Verkrijgingsprijs en de Verkoopprijs.
Huurgarantie: indien panden worden aangekocht met
(gedeeltelijke) leegstand wordt de huur voor dit nog leegstaande
deel door verkoper aan koper gegarandeerd door middel van een
huurgarantie. Op deze wijze ontvangt de koper toch de gehele
huursom ook al is het pand niet geheel verhuurd.
Hypotheek: voor het aantrekken van vreemd vermogen
wordt meestal een lening met hypothecaire zekerheid afgesloten bij
een bank. Gezien de FBI status van SynVest kan de lening nooit meer
bedragen dan 60% van de fiscale boek van het vastgoed. Bij CV's is
deze doorgaans ter grootte van 75% van de totale
fondsinvesteringen.
- I
Indexering van de huur: bij afsluiting van het
huurcontract wordt vastgelegd met hoeveel procent per jaar de huur
zal stijgen. Gebruikelijk is dat de meestal jaarlijkse stijging van
de huur gekoppeld is aan het CPI (Consumenten Prijs Indexcijfer).
Soms wordt een maximale jaarlijkse stijging (indexatie)
afgesproken. Deze verhoging van de huur heeft ten doel het effect
van inflatie (grotendeels) te nivelleren.
Indirect rendement: zie
Verkoopresultaat.
Initiatiefnemer: SynVest Fund Management B.V.,
gevestigd aan de Plesmanstraat 62 te Veenendaal. De initiatiefnemer
draagt zorg voor het management van het vastgoedfonds.
Intrinsieke waarde certificaat: De waarde van alle
bezittingen van het beleggingsfonds minus de schulden, gedeeld door
het aantal uitgegeven aandelen en vermenigvuldigd met 100 (elk
aandeel geeft recht op 100 aandelen).
IRR rendement: de Internal Rate of Return, oftewel
de interne rentevoet, is het rendement waarbij de contante waarde
van de netto beschikbare cashflow gelijk is aan het geïnvesteerde
eigen vermogen. Op deze wijze wordt rekening gehouden met het
tijdstip waarop de cashflow beschikbaar komt, met dien verstande
dat naarmate cashflow eerder vrijkomt er een hogere waarde aan
wordt toegekend. De factor tijd speelt in de berekeningsmethode dus
een grote rol.
- J
- K
Kapitalisatiefactor: de kostprijs van het
vastgoed (exclusief bijkomende kosten als notariskosten en
overdrachtsbelasting) gedeeld door de jaarlijkse huuropbrengst.
- L
Leegstand: één van de risicofactoren van
beleggen in onroerend goed. Onder te verdelen in frictie- en
structurele leegstand.
Levensloop van vastgoed: deze bestaat uit vier
fasen: 1. ontwikkeling, 2. exploitatie/verhuur, 3.
renovatie/ontwikkeling en 4. sloop. Het onroerend goed in SynVest
bevindt zich meestal in fase 2.
Leverage: de hefboomwerking door de verhouding
tussen vreemd vermogen en eigen vermogen waarmee onroerend goed
wordt aangekocht. De leverage wordt berekend door de hypothecaire
lening te delen door de aankoopprijs van het vastgoed.
Lockup-periode: SynVest kent een periode van 3
jaar waarin het beleggingsfonds niet gehouden is certificaten in te
kopen. Na 3 jaar kan iedere deelnemer zijn certificaten aan SynVest
te koop aanbieden.
Liquiditeitsreserve: het werkkapitaal dat door
SynVest wordt aangehouden en waaruit de inkoop van certificaten
wordt gefinancierd.
Looptijd: SynVest kent geen vaste looptijd. Wel
kunnen deelnemers hun certificaten na 3 jaar aan SynVest te koop
aanbieden.
- M
Managementfee: de vergoeding welke de beheerder
ontvangt voor het beheer en management van het fonds.
- N
Niet verrekenbare BTW: een deel van de BTW over
de aan een vastgoedfonds in rekening gebrachte kosten die niet
kunnen worden teruggevorderd indien de ruimte wordt verhuurd aan
een huurder die BTW vrijgestelde prestaties levert.
Non recourse: de hypotheekschuld kan door de bank
uitsluitend verhaald worden op het vastgoed; de beleggers zijn voor
deze schuld niet hoofdelijk aansprakelijk.
Notariskosten: dit zijn de kosten van overdracht
van het vastgoed en het vestigen van een hypotheek.
- O
Onderhoudkosten: meestal uitgedrukt in een
percentage van de jaarhuur die jaarlijks gereserveerd wordt voor
instandhouding van de beleggingspanden. Gemiddeld genomen is 5%
reëel. Dit percentage wordt ook door institutionele beleggers
gehanteerd.
Onderzoeksrapport: het onderzoeksrapport van de
accountant maakt voor de Wft geen verplicht deel uit van het
prospectus. Dit onderzoeksrapport bevestigt dat de gegevens waarop
de veronderstellingen van het prospectus zijn gebaseerd een
redelijke basis vormen voor de prognose.
Onroerend goed: (of Vastgoed) de
kantoorpanden, winkels en bedrijfspanden die binnen SynVest
beleggingsfondsen worden geëxploiteerd.
Opstalverzekering: verzekering voor schade aan het
gebouw.
Overdrachtsbelasting: bij aankoop van onroerend
goed is in principe 6% overdrachtsbelasting verschuldigd. In
sommige gevallen kan met succes een beroep worden gedaan op
vrijstelling (bijvoorbeeld d.m.v. de zogenaamde
projectontwikkelaarsresolutie). Indien participaties in een
vastgoedfonds worden verkocht aan derden is op basis van de
uitspraak van de Hoge Raad dd 15 oktober 2004 (HR 38.8779) over de
vervreemding van deze participatie in principe geen
overdrachtsbelasting verschuldigd zolang er geen sprake is van een
aanmerkelijk belang. Van een aanmerkelijk belang is sprake indien
een participant middellijk of onmiddellijk een belang houdt van
meer dan 33% in het totaal ingelegde kapitaal.
Overlijden participant: bij overlijden van een
certificaathouder gaat zijn/haar participatie(s) stilzwijgend over
naar de wettelijke erfgenaam. Hieraan zijn geen kosten
verbonden.
OZB: Onroerende Zaak Belasting. Deze wordt door de
gemeente vastgesteld op basis van de WOZ waarde.
- P
Panhuyzen, Frits J.: (1953) directeur van
SynVest Fund Management B.V. Voor CV zie de prospectus.
Participant: de deelnemer/belegger in het
beleggingsfonds die één of meer certificaten houdt.
Participatie: een deelname in het kapitaal van het
fonds via certificaten op naam. Het Administratiekantoor verstrekt
ten bewijze daarvan een uittreksel uit het register van
certificaathouders.
Portfolio: ook wel Portefeuille. De
verschillende onroerend goed objecten in een vastgoedfonds of
CV.
Pot, Mr. Evert Jan: (1952) directeur van SynVest
Fund Management B.V. Voor CV zie het prospectus.
Projectontwikkeling: in fase 1 van de levensloop
van beleggingspanden is sprake van projectontwikkeling. Gedurende
deze fase wordt de grond aangekocht of gepacht en een pand
gerealiseerd. De projectontwikkelingsfase eindigt zodra het pand
gerealiseerd en in gebruik genomen is.
Prospectus: het schrijven, opgesteld door de
initiatiefnemer van het beleggingsfonds, waarin alle relevante
gegevens met betrekking tot de belegging zijn opgenomen. Het
prospectus van een besloten vastgoedfonds dient ter verkrijging van
een vergunning inzake de Wft beoordeeld te worden door de AFM. De
AFM toetst of het prospectus voldoet aan de in de Wft opgenomen
richtlijnen. Indien aan de richtlijnen is voldaan wordt een
vergunning verleend en mag de Initiatiefnemer het prospectus onder
haar cliënten verspreiden. Vanaf het moment van verkrijging van de
vergunning kunnen klanten daadwerkelijk beleggen in het
vastgoedfonds.
- R
Rendement: het rendement uit een vastgoedfonds
wordt onderverdeeld in exploitatieresultaat (direct rendement) en
verkoopresultaat (indirect rendement).
Rekenrente: het hypotheekrentepercentage die in de
rendementsprognose wordt gehanteerd.
Rentebaten: de rentevergoeding die van de bank
ontvangen wordt over een aangehouden saldo.
Risicometer AFM: De risicometer geeft in een
oogopslag een indicatie van het risico grafisch weer. Dit risico
wordt door de toezichthouder Autoriteit Financiele Markt (AFM) aan
een product verbonden. In de risicometer staat aangegeven hoe groot
het risico is dat u het geld dat u gaat betalen ('inleg') kwijt kan
raken en/of dat u een schuld overhoudt aan het eind van de
overeenkomst die u afgesloten hebt. Er zijn vijf risicocategorieen:
1) zeer klein risico 2) klein risico 3) vrij groot risico 4) groot
risico 5) zeer groot risico. SynVest RealEstate Fund N.V. valt qua
risico in de middenmoot namelijk: "groot". Er is bij het beleggen
in SynVest RealEstate Fund N.V. geen enkel risico dat u een schuld
overhoudt.
De aanbieder moet op basis van voorgeschreven berekeningen bepalen
welke van de 5 categorieën van toepassing is voor het product.
Bijvoorbeeld: bij een zeer groot risico staat het poppetje helemaal
gebukt en is het zwarte vlak tot aan de streep van zeer groot
doorgetrokken. Het risico dat je een schuld overhoudt en/of dat je
je investering kwijtraakt is zeer groot. Waarschuwingszin AFM:
"Loop geen onnodig risico, lees de financiële bijsluiter."
Raad voor Onroerende Zaken (ROZ): de vereniging
ROZ heeft ten doel het gezamenlijk bewaken, bevorderen en
verbeteren van het functioneren, de kwaliteit en het aanzien van de
bedrijfstak onroerend goed. Specifiek de door de aangesloten
lidorganisaties en hun leden te verrichten werkzaamheden op het
gebied van het risicodragend creëren, financieren, in eigendom
gebruiken, exploiteren en beheren, de overdracht en de makelaardij
van in Nederland gelegen onroerend goed.
ROZ-Contract: een volgens de standaard richtlijnen
van de Raad voor Onroerende Zaken opgestelde model
huurovereenkomst.
- S
Servicekosten: kosten die door de huurder aan
de verhuurder betaald worden. De huurder betaalt een vast bedrag
aan de verhuurder, die periodiek een afrekening stuurt naar de
huurder. Bijvoorbeeld kosten voor schoonmaak van algemene ruimten,
kosten van vuilophaaldiensten, kosten van buitenverlichting en
groenvoorzieningen.
Solvabiliteit: de mate waarin een onderneming te
allen tijde aan haar financiële verplichtingen kan voldoen.
Statuten: in de statuten van de Vennootschap
staan de grondregels van de vennootschap beschreven. Deze statuten
zijn meestal als bijlage opgenomen in het prospectus, evenals de
statuten van de beheerder en die van de Stichting
Administratiekantoor SynVest beleggingsfondsen.
Stichting Administratiekantoor SynVest beleggingsfondsen is een
onafhankelijke Stichting, gevestigd te Amersfoort en opgericht op 1
februari 2005. Bestuurders: Prof. Dr. W.A.F.G. Vermeend.Voormalig
staatssecretaris van Financiën en minister van Sociale Zaken en
Drs. Roland Wanders, CFO van de ANWB. Zie voor de statuten de
prospectus of download ze via de downloadpagina.
Stichting Administratiekantoor SynVest
beleggingsfondsen: zie voor het bestuur hiervan onder de
heren Wanders en Vermeend.
Structureringsfee: kosten voor het opzetten van
een CV of beleggingsfonds die door de initiatiefnemer bij aanvang
in rekening worden gebracht.
- T
Taxatie: SynVest laat jaarlijks de panden die
in portefeuille zijn taxeren. De taxaties worden verricht door DTZ
Zadelhoff Taxaties en HB Kroese Paternotte.
Bij aankoop maakt de hypothecaire financier ten behoeve van de
financiering meestal ook een interne taxatie. Uit het
taxatierapport kan onder andere opgemaakt worden wat de onderhandse
verkoopwaarde in verhuurde staat is.
Toezichthouder: krachtens de Wft is de AFM
bevoegd toezicht uit te oefenen op de beheerder van het
beleggingsfonds.
Totaalrendement: het direct- en
indirect-rendement tezamen.
Track record: een beschrijving van de in het
verleden behaalde resultaten van een aanbieder.
- U
- V
Variabele rente (Euribor): dit is rente welke
dagelijks fluctueert als gevolg van vraag en aanbod naar
geld.
Vastgoedbeheerder: zie onder Synvest >
Samenwerkingen: Intercity Management.
Vererving van een participatie: zie Overlijden
van participant.
Vergunning: de vergunning van de AFM in het kader
van de Wet op financieel toezicht (Wft).
Verhandelbaarheid van participaties:
participaties in een vastgoed-CV zijn niet vrij verhandelbaar.
Indien een participant zijn participatie wenst te vervreemden, is
toestemming van alle overige participanten nodig. Aan de procedure
voor het verzamelen van alle toestemmingen zijn kosten verbonden.
Bij SynVest kunnen de certificaten aan het fonds ter inkoop
aangeboden worden.
Verkoopkosten: de kosten die ontstaan bij verkoop
van het onroerend goed, zoals makelaarscourtage, taxatie en
juridisch advies.
Verkoopprijs: het bedrag dat een participant
ontvangt bij de verkoop van een certificaat, dat wordt berekend
door de handelskoers te verminderen met een discount van 2,5% ter
dekking van administratie- en algemene kosten. Het vastgoedfonds is
de begunstigde van deze discount.
Verkoopresultaat: ook wel genoemd Indirect
rendement. Het resultaat dat behaald kan worden bij verkoop
van onroerend goed na aftrek van de verkoopkosten, aflossing van de
hypothecaire geldlening.
Vermeend, Prof. Dr. Willem: (1948) Bestuurder van
Stichting Administratiekantoor SynVest beleggingsfondsen. Voormalig
Staatssecretaris van Financiën en Minister van Sociale Zaken,
bijzonder Hoogleraar Belastingrecht aan de Universiteit van
Maastricht.
Vervreemding van participaties: zie
Verhandelbaarheid.
Vooraankondiging: korte samenvatting van een
toekomstige beleggingsaanbieding. De Vooraankondiging heeft ten
doel de cliënten in hoofdlijnen te informeren over een op handen
zijnde emissie van een nieuw vastgoedfonds waarin zij kunnen
investeren.
Vpb: Wet op de Vennootschapsbelasting 1969.
Vreemd vermogen: schulden en leningen die een
bedrijf moet terugbetalen. Bij SynVest mag op grond van haar
fiscale FBI status het vreemd vermogen niet meer dan 60% bedragen.
In het algemeen kan gezegd worden dat hoe hoger het vreemde
vermogen van een onderneming, hoe groter het risico dat een
aandeelhouder loopt.
- W
Waarde in het economisch verkeer: deze waarde
wordt gebruikt als grondslag voor de waardebepaling van het
onroerend goed ten behoeve van de aangifte IB voor een
participant-natuurlijke persoon. Deze waarde kan gebaseerd zijn op
verschillende uitgangspunten. Voorbeelden zijn schatting op basis
van de huurinkomsten en de kapitalisatiefactor of schatting op
basis van de WOZ waarde.
Wanders, Drs. Roland J.X.: (1959) CFO van de ANWB.
Bestuurder van Stichting Administratiekantoor SynVest
beleggingsfondsen.
Wet IB 2001: Wet op de Inkomstenbelasting van
2001.
Winstdeling initiatiefnemer: bij verkoop van het
onroerend goed kan verkoopwinst (indirect resultaat) gemaakt
worden. Het is gebruikelijk dat de initiatiefnemer deelt in deze
verkoopwinst. De initiatiefnemer is zodoende extra gestimuleerd om
het onroerend goed gunstig te verkopen. Gebruikelijk is een
percentage van 10 - 25% van de verkoopwinst. Soms deelt de
initiatiefnemer pas mee in deze winst nadat de participanten hun
winstpreferentie uitgekeerd hebben gekregen. Bij SynVest deelt de
beheerder pas mee in de winst als het vastgoedfonds over een
periode van 3 jaar meer dan 11% rendement behaald heeft.
WOZ-waarde: waarde van het onroerend goed volgens
de Wet Onroerende Zaakbelasting. Deze waarde wordt bepaald door de
gemeente waar het pand zich bevindt.
Wft: Wet op financieel toezicht. Een vastgoed-CV
en een vastgoedfonds dienen een vergunning te verkrijgen van de AFM
in het kader van de Wft. Het doel van de Wft is het beschermen van
individuele beleggers door het stellen van inrichtings- en
informatie-eisen. De AFM toetst of de informatieverstrekking en de
presentatie van de gegevens correct zijn en onderzoekt of de
initiatiefnemers de beheerder deskundig en betrouwbaar zijn. Ook
stelt de Wft eisen aan de administratieve organisatie van de
beheerder.
- X
- Y
- Z